Ik werk in…

Ga verder

De inhoud van de site wordt gewijzigd op basis van je type bedrijf 

Met zout wordt in voeding vaak keukenzout bedoeld. En keukenzout bestaat uit twee delen: natrium en chloride. De scheikundige naam is ook natrium chloride. Natrium vermenigvuldigd met 2,5 = zout.

Zout wordt gebruikt:

  • als smaakmaker, een zoute smaak is lekker
  • voor de verbetering van de structuur van een product, zoals bij brood en kaas
  • en om de houdbaarheid van een product te verlengen

Zout is de belangrijkste bron van natrium in de voeding. Wanneer het gaat over de gezondheidseffecten van zout, wordt altijd gedoeld op de effecten van natrium. Het komt zelden voor dat mensen te weinig zout binnenkrijgen. Te veel zout eten is niet goed voor je.

De meeste mensen eten meer zout dan de door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) aanbevolen 5g per dag of de aanbeveling van de Belgische Hoge Gezondheidsraad die ook 5g per dag is. Gemiddeld eten de Belgische volwassenen 9.5g zout per dag.

Het merendeel van het natrium in de voeding (tussen 70% en 75% van de totale inname) komt uit de inname van commerciële bereidingen die verrijkt zijn met zout (brood, kaas, gezouten boter, vleeswaren, sauzen, soepen en bereide gerechten) of additieven. Natrium is ook een belangrijk onderdeel van keukenzout dat tijdens het bereiden van de maaltijd of aan tafel kan worden toegevoegd. Ongeveer 10-15% van de totale natriuminname is afkomstig van het toegevoegd keukenzout.

 

In België zijn er vier voedingsgroepen die belangrijke bronnen zijn voor de inname van zout. Het gaat namelijk om “Vlees en vleesvervangers” (26%), “Granen en graanproducten” (25%), “Melkproducten en substituten” (14%) en “Kruiderij, sauzen en specerijen” (12%).

 **De Ridder K & Teppers E. Natrium. In: Bel S, Tafforeau J (ed.). Voedselconsumptiepeiling 2014-2015. Rapport 4. WIV-ISP, Brussel, 2016